Docs: The End of Fear | Groninger Forum

Kunstcurator Maayke Meijering Maayke zegt:

“De documentaire The End of Fear van Barbara Visser vertelt dit krankzinnige en adembenemende verhaal, vanuit de kunstenaar, de kunsthater, de media en de museumdirecteur.”


English


Het klinkt als een vrij bizarre – en vergezochte – aflevering van een misdaadserie, het verhaal rond het kunstwerk Who’s Afraid of Red, Yellow and Blue III van Barnett Newman (1967) in het Stedelijk Museum Amsterdam. Het doek raakt in 1986 zwaar beschadigd wanneer een verwarde bezoeker het aanvalt met een mes. Op 21 februari draait eenmalig een bijzondere documentaire over het voorval en het daaropvolgende jarenlange getouwtrek tussen museum, gemeente en restaurator.

Onder invloed van een maar liefst 48 pagina’s tellend geschrift van de hand van magisch realistisch kunstenaar Carel Willink, waarin hij tekeer gaat tegen abstracte kunst, komt een onbekende Amsterdamse kunstenaar, Jan van Bladeren, op het idee een statement te maken tegen moderne abstracte kunst. In het Stedelijk Museum, waar Newmans werk sinds 1969 op de eregalerij hing, maakte Van Bladeren meerdere meterslange sneden in het doek met een stanleymes.

In de jaren die volgen wordt het werk intensief gerestaureerd in de Verenigde Staten. Of nou ja, gerestaureerd… Later blijkt dat de restaurator weinig subtiel te werk is gegaan: hij gebruikt andere technieken, verfsoorten en -kleuren dan Newman en maakt het werk af door met een verfroller meerdere lagen vernis aan te brengen. Het blijkt onomkeerbaar, een doodzonde in de wereld van de restauratie. Een jarenlange juridische strijd tussen de Gemeente Amsterdam en de restaurator volgt, die uiteindelijk wordt geschikt in 1997: de gemeente betaalt maar liefst 77.000 euro aan de restaurator, met de belofte zich niet meer kritisch uit te laten over de restauratie.

Daarmee is de kous nog niet af. In datzelfde jaar besluit Van Bladeren dat de ‘verbetering’ die hij aan had gebracht op Who’s Afraid of Red, Yellow and Blue III met de restauratie ongedaan is gemaakt. Dat kan hij niet over zijn kant laten gaan. Hij is geobsedeerd door het doek en keert terug naar het Stedelijk Museum. Razend loopt hij rond, op zoek naar het enorme rode doek van Newman, maar vindt in plaats daarvan een ander werk van dezelfde kunstenaar: het intens blauwe Cathedra (1951). Hij botviert zijn woede en snijdt met zijn mes diepe halen in het kunstwerk, met zoveel geweld dat hij zelfs de muur erachter meeneemt.

De documentaire The End of Fear van Barbara Visser vertelt dit krankzinnige en adembenemende verhaal, vanuit de kunstenaar, de kunsthater, de media en de museumdirecteur. Waarom roept het werk zulke heftige emoties op? En waar kijken we eigenlijk nog naar? Het originele werk? Of is het door de zeer intensieve restauratie eigenlijk verworden tot een (slechte) kopie?

docs: The End of Fear
 woensdag 21 februari, 19:30
 9,50
Groninger Forum

Kunstcurator Maayke Meijering Maayke says:

“The documentary The End of Fear by Barbara Visser tells this insane and breathtaking story, from the perspective of the artist, the art hater, the media, and the museum director.”


It sounds like a rather bizarre – and far fetched – episode of a crime series, the story surrounding the art work Who’s Afraid of Red, Yellow and Blue III by Barnett Newman (1967) in the Stedelijk Museum Amsterdam. The canvas was heavily damaged in 1986 when a confused visitor attacks it with a knife. On 21 Februari, there is a one time show of the special documentary about the incident and the ensuing years of wrangling between the museum, the municipality, and the restorer.

Under the influence of a 48 page document by magic realist artist Carel Willink, in which he argues against abstract art, an unknown Amsterdam artist gets the idea to make a statement against modern abstract art. In the Stedelijk Museum Amsterdam, where since 1969 Newman’s work was exposed at the hall of fame, Van Bladeren made multiple cuts of meters long in the canvas with a Stanley knife.

In the years that followed, the work is intensively restored in the United States. Or well, restored…Later it appeared that the restorer didn’t go to work very subtle: he uses different techniques, different types of paint, and different colors than Newman and he finishes the work by adding multiple layers of varnish with a paint roller. It turns out to be irreversible, a capital sin in the world of restoring. A years long legal battle between the municipality of Amsterdam and the restorer follows and is finally settled in 1997: the city pays a whopping 77.000 euros to the restorer along with a promise to refrain from further criticism on the restoring job.

However, that still wasn’t the end of it. In the same year, Van Bladeren decides that the improvements he made on Who’s Afraid of Red, Yellow and Blue III have been negated by the restoration. This he can’t allow. He is obsessed by the canvas and returns to the Stedelijk Museum. Infuriated he walks around looking for the huge red work of Freeman but instead he finds another work of the same artist: the intense blue Cathedra (1951). He takes his anger out on the art work by making deep cuts in it using so much violence that he damages the wall behind it as well.

The documentary The End of Fear by Barbara Visser tells this insane and breathtaking story, from the perspective of the artist, the art hater, the media, and the museum director. Why does the work evoke such intense emotions? And what are we still looking at? The original piece? Or has it by the very intensive restoration actually become a mere (bad) copy?