Charleworlddd | Tschumipaviljoen

Kunstcurator Maayke Meijering Kunstcurator Maayke zegt:

“Knuffels worden meestal geassocieerd met de kindertijd, maar de 70-jarige Palestine kan ze niet zomaar loslaten. Voor hem hebben knuffels een bijzondere, spirituele betekenis.”


 English

Het is een nostalgische bedoening in het Tschumipaviljoen op het Hereplein. De glazen expositieruimte staat tjokvol knuffelbeesten: teddyberen, kikkers, pinguïns, Winnie de Pooh, Mickey Mouse en nog veel meer. Loop eromheen en je herkent ongetwijfeld één of twee zachte vriendjes van vroeger.

De knuffels zijn onderdeel van de kunstinstallatie Charleworlddd van de Amerikaanse performancekunstenaar en muzikant Charlemagne Palestine. Knuffels worden meestal geassocieerd met de kindertijd, maar de 70-jarige Palestine kan ze niet zomaar loslaten. Voor hem hebben knuffels een bijzondere, spirituele betekenis. ‘Teddy-stam’, noemt hij zijn enorme collectie, naar de speciale band die mensen met dieren hebben, in het bijzonder sommige stammen in Afrika en Amerika. Zijn knuffels fungeren als spirituele, sjamanistische verbeeldingen van de ziel en hij noemt ze liefkozend ‘divinities’.

Als kind had Palestine al een hele horde knuffelbeesten, die hij altijd dicht bij zich hield. Op een dag, toen hij tien jaar was en terugkwam van school, was zijn slaapkamer leeg en bleken zijn ouders alle knuffels te hebben weggegooid. Ze vonden hem te oud. In een interview zei hij later: “Wat doen Westerse mensen met zulk speelgoed? Ze gooien het weg, of geven het aan het Leger des Heils. In onze maatschappij doen we niets om de geesten ervan te behouden.” Toen hij op zijn zeventiende een teddybeer cadeau kreeg van zijn vriendin, begon zijn obsessie voor knuffelbeesten.

Teddyberen zijn wat betreft Palestine onlosmakelijk verbonden met immigratie. Weinigen weten dat de teddybeer werd uitgevonden door Russisch-Joodse immigranten in Brooklyn, New York, in de vroege twintigste eeuw. De beer werd vernoemd naar Theodore Roosevelt, die ooit tijdens een jachtpartij weigerde een berenjong te doden, en groeide onder de naam Teddy’s Bear uit tot een Amerikaans icoon. Als kind van Joodse immigranten uit diezelfde wijk voelt de kunstenaar een diepe connectie met de teddybeer en andere knuffeldieren.

De gigantische verzameling knuffeldieren, die hij vindt in kringloopwinkels, cadeau krijgt of zelf maakt, maken ook een belangrijk deel uit van zijn muzikale performances. Zijn spirit animals fungeren als zijn belangrijkste publiek. Een deel van Palestines Teddy-stam is nu ondergebracht in het Tschumipaviljoen, waar ze de toevallige voorbijganger verrassen en vertederen.

Charleworlddd
 tot en met zondag 19 november
 gratis
 Tschumipaviljoen

Foto: Agnes Gania

Kunstcurator Maayke Meijering Art curator Maayke says:

“Cuddly toys are usually associated with childhood, but the seventy year old Palestine can’t just let them go. For him, cuddly animals have a special, spiritual meaning.”


It’s a nostalgic affair in the Tschumipaviljoen at the Hereplein. The glass exhibition space is filled to the brim with cuddly animals: teddy bears, frogs, penguins, Winne the Pooh, Mickey Mouse, and many more. Walk around it and you’ll definitely recognize one or two soft friends from your past.

The cuddly animals are part of the installation Charleworlddd by the American performance artist and musician, Charlemagne Palestine. Cuddly toys are usually associated with childhood, but the seventy year old Palestine can’t just let them go. For him, cuddly animals have a special, spiritual meaning. ‘Teddy tribe’ he calls his enormous collection, after the special bond that humans have with animals, especially some tribes in Africa and America. His cuddly animals function as spiritual, shamanist depictions of the soul and he lovingly calls them ‘divinities’.

As a child, Palestine already had a horde of cuddly animals which he always kept close to him. On a day, when he was ten years old and came home from school, his bedroom was empty and his parents turned out to have thrown out all his animals. They thought he was too old. In an interview he later said: “What do Western people with such toys? They throw them away or give it to the Salvation Army. In our society we do nothing to preserve their spirits.” When he got a teddy bear as a present at the age of seventeen, he started his obsession with cuddly animals.

Teddy bears are for Palestine an integral part of Jewish immigration. Few know that the teddy bear was invented by Russian Jewish immigrants from Brooklyn, New York, in the early twentieth century. The bear was named after Theodore Roosevelt, who once during a hunting party refused to kill a young bear, and grew to become an American icon under the name Teddy’s Bear. As a child of Jewish immigrants from the same neighborhood, the artist feels a deep connection with the teddy bear and other cuddly animals.

The enormous collection of the cuddly animals he finds in thrift stores, gets as presents, or fabricates himself, is also an important part of his musical performances. His spirit animals form his largest audience. A part of Palestine’s Teddy tribe is now sheltered in the Tschumipavilion where they surprise and soften those who happen to pass by.